± 1600  de renaissance, de verlichting
het ontstaan van de globale mens & de effecten op het onderwijs

Onderwijs

In het verlengde van de Verlichting veranderde ook de opvatting over de inhoud en methode van onderwijs. Tot die tijd stond de leermeester centraal, weliswaar met een motiverend motto als "Non scolae sed vitae discimus" (niet voor de school maar voor het leven leren wij), maar ook met een stok waarmee hij de maat aangaf bij het opdreunen van de rijtjes: hoofdsteden, naamvallen, de tafels van vermenigvuldiging of een tik op de vingers bij onoplettendheid.
En de leerstof was, om met Schiller (1799) te spreken: "Festgemauert in die Erde".

De zeer bevoorrechten konden zich voor hun kinderen een Huisleraar permitteren. Aan veel kinderen ging het onderwijs echter voorbij. Enkele grote steden en kloosters richtten scholen op voor de middenklasse. De weinigen die daardoor onderwijs konden volgen, werden als het ware gedrild, zoals soldaten en topsporters tegenwoordig nog gegrild worden tot ze zichzelf kwijt en voorbeeldige verdedigers zijn van of influencers voor de heersende macht.

Eerst in 1905 werd onderwijs bij wet verplicht en 'moest' ieder kind naar school.

Een essentieel scharnierpunt van onderwijsvernieuwing lag dus al in de herbezinning met de Verlichting.

Dat begon opvoedkundig min of meer met Christian Gotthilf Salzmann (1744-1811), volgens Dr J.H. Gunning ".... een rijkbegaafd, warmgevoelend mens en een pedagogische stuwkracht van de eerste rang"... "een werkelijk bekwaam en praktisch opvoeder, die als domineeszoon pleitte voor een erkenning van de zelfstandigheid en eigen aard van het kind en voor een afwijzing van de militaire toon en gehoorzaamheidsdwang...Stel U dat voor in die pruikentijd! ...In de opvoeding was de Verlichting aangebroken..." *)

Laat je niet afschrikken door de gezwollen stijl en bombast die in die tijd gangbaar was, adviseert Professor Gunning nog.

Salzmann, die na een tumultueuze ontwikkelingstijd van religie en pedagogiek een Onderwijsinstituut in Schnepfenthal, Oostenrijk leidde, schreef ook boeken over de praktijk van regeren, huwen, opvoeden en lesgeven. De boeken hadden merkwaardige namen om ze te laten opvallen binnen de vele boeken die in die tijd met pretentieuze titels streden om de aandacht.

Zijn titels, waaronder:

Het Kreeftenboekje <Handleiding voor een onverstandige opvoeding>, Het Schorpioenenboekje <over de kunst van verstandig regeren>, Het Spinnenboekje <handleiding voor een verstandige huwelijkspraktijk> en 

Het Mierenboekje (1805), dat begint met de inleiding:

"Aan Herman!"

"Zo noem ik u, waarde jonge man, die bezield zijt met het streven u in de wereld te onderscheiden door werkzaam te zijn tot heil van het mensdom, geef mij de hand!
Wanneer gij geen bijzondere talenten, geen besliste neiging voor een ander beroep in uzelf bespeurt - wijd u dan aan de opvoeding. ......
Wie moerassen drooglegt,...., tuinen aanlegt, ...., ziekenhuizen sticht, werkt ook voor het welzijn der mensen, maar niet zo onmiddellijk en ingrijpend als de opvoeder. .... Deze veredelt de mens zelf."

Het was weliswaar nog de tijd dat de Vrouw het huishouden bestierde en de Man zijn gezin onderhield, maar Salzmann had drommels goed door, waar in opvoeding en onderwijs de crux zat.

"Voed U zelf op!"

11 wenken als richtsnoer voor 'n onderwijsgevende

  1. Wees gezond
    ....."De vele klachten die men over de ongezeglijkheid der kinderen te horen krijgt, hebben stellig meestentijds hun ontstaan te danken  aan de ziekelijke toestand van de opvoeder.... Aangenomen dat gij uw lichaam niet te zeer door uitspattingen hebt verzwakt, kunt ge gezond zijn, als ge maar ernstig wilt.... Hoe kan men verwachten, dat men in staat zal zijn gezonde kinderen op te voeden, wanneer men zelf ziekelijk is? ....Mocht het U werkelijk niet gelukken <gezond te zijn> volg dan mijn raad: zie van de opvoeding af en kies een ander beroep. ..."
     

  2. Wees opgeruimd
    "... Ware het u mogelijk steeds vroliijk te zijn, dan bestond er geen gemakkelijker beroep dan dat van opvoeder...... de meeste mensen hebben meer aanleg tot droefgeestigheid en verkeren derhalve gewoonlijk in een toestand van ontevredenheid. Een ieder weet, dat in een dergelijke gemoedsstemming de opvoeding hoogst moeilijk wordt en weinig baat. .."
     

  3. Leer met kinderen spreken en omgaan
    "..."Jonge mannen die slechts met boeken en volwassen personen omgingen,...., weten niet, hoe zij zich moeten gedragen, gevoelen zich niet op hun gemak bij kinderen, die hun gezelschap lastig vinden. De taal en de gewoonten der kinderen zijn hen vreemd. ..."
     

  4. Leer u met kinderen bezig houden
    ".... .. Wie met kinderen niet spelen kan, wie in de waan verkeert dat het beneden zijn waardigheid is zich op een dergelijke wijze met kinderen bezig te houden, moest eigenlijk geen opvoeder worden. ..."
     

  5. Leg u er op toe, een duidelijke kennis van de voortbrengselen der natuur te verkrijgen.
    ".. ... Voor uzelf een rijke bron van genot, .. Van nog groter belang zal zij <die kennis der natuur> in omgang met de kinderen voor u zijn, omdat zij een onuitputtelijke stof zal opleveren voor gesprekken en lessen, u onmisbaar zal maken in de ogen der kleinen. .."
     

  6. Leer de voortbrengselen der menselijke nijverheid kennen
    De gelegenheid daartoe zult ge vinden, wanneer ge die zoekt. ..Ontmoet de landman ... en knoop met hem een gesprek aan..., Bezoek een werkplaats van de schrijnwerker, de kunstdraaier, de smid, ...Ge zult bij gesprekken met de producerende klasse vaak meer nuttige kundigheden verwerven, ...u in allerlei dingen bekwamen dan in de gehoorzaal van menig filosoof. ..."
     

  7. Leer uw handen gebruiken
    "... .. Zoek een tuinman op .. bij wie ge in de leer kunt gaan, ..leer de spade en de hark gebruiken..Verzuim niet, het nettenbreien te leren, .. .Ge zult daardoor ook uw leerlingen een ruimer arbeidsveld kunnen openen. ....
    Hoe zal ik de tijd vinden die nodig is om dit alles te leren? vraagt ge. Daardoor geeft ge mij aanleiding u mijn achtste wenk te geven.
     

  8. Gewen u, met uw tijd spaarzaam om te gaan
    "... .. Sta vroeg op, dan hebt ge al dadelijk een paar uur gewonnen waarin ge veel kunt leren. ... .. Uw kwekelingen <leerlingen>, zullen zij althans gezond blijven en voor verzwakking worden behoed, moeten toch vroeg opstaan. Zult gij hen daaraan kunnen wennen, wanneer ge uzelf op uw legerstede door de zon beschijnen laat? Lezen moet ge ook, om meer stof tot denken te hebben, ..., dan verschaft ge uw geest gezond en krachtig voedsel. .. <maar:>
    Bedenk, dat het lezen slechts een middel moet zijn om hogere doeleinden te bereiken en dat ge een dwaasheid begaat wanneer ge het middel tot doel maakt .... . Denk aan Pestalozzi! Zou hij zoveel tot stand hebben gebracht, als hij de tijd die hij gebruikte om te denken en waar te nemen, met lezen had doorgebracht?."

  9. Tracht betrekkingen aan te knopen met een familie of een inrichting voor opvoeding,
    waarvan de kinderen of pupillen zich door een bij uitstek goede gezondheid onderscheiden

    ".... .. Wanneer ge opvoeder worden wilt, moet ge ook leren voor de gezondheid uwer kwekelingen te zorgen. ...<méér dan aan scholen voor geneesheren of uit boeken die zij schrijven hebt ge aan> mensen die bewezen, dat ze begrijpen en in de praktijk kunnen brengen, wat voor de gezondheid der kinderen nodig is.
     

  10. Tracht u te bekwamen in de kunst om kinderen tot een innige overtuiging van hun plichten te brengen
    ".... .. Het kind doet dan zijn plicht, niet ...... .. ., maar omdat het overtuigd is, dat het noodzakelijk zo handelen moet. ....Wat uit het hart komt gaat weder tot het hart.
     

  11. Handel steeds zo, als ge wenst dat uw kwekelingen zullen handelen
    Ieder kind heeft, .... .. neiging om zo te handelen, als het anderen ziet handelen en deze zucht tot nabootsen is van groter invloed op het gedrag dan vermaningen of voorschriften..... . Kinderen zijn bijzonder fijngevoelig en bemerken in hun opvoeder ieder gebrek... ... ... De kinderen die aan uw zorgen zijn toevertrouwd, zullen uw opvoeders zijn. Op menig gebrek zullen zij uw aandacht vestigen en u nopen, het af te leggen.

Slotnoot van Salzmann:
"
Wie met de inrichting van mijn instituut bekend is en weet, dat daar de "Tafels van Verdiensten" (Meritentafels) in gebruik zijn, waarop de namen van mijn kwekelingen (leerlingen) zijn geschreven en door middel van koperen spijkers de graad van hun vlijt wordt aangeduid, zal zich er over verwonderen, dat ik hier van dit hulpmiddel in 't geheel geen gewag maak."
Salzmann licht uitgebreid toe, dat het verkeerde gebruik daarvan in huisgezinnen en "De Orde van Vlijt" waartoe een kind als "Officier" kan toetreden, hem daarvan weerhouden hebben.

Ik zelf meen, ook achteraf, het punaisebord in de goede zin gebruikt te hebben.


Het punaisebord hangt / staat in de hoek. Ik meende het zelf bedacht te hebben, maar het komt uit het Mierenboekje van Salzmann,
hij noemt het: Meritentafel, "namen van leerlingen met koperen spijkers voor de graad van vlijt".

Het onderwijs kreeg een perspectief "Vom Kinde Aus" met zich wetenschappelijk ontwikkelende opvattingen  over methoden, pedagogiek, didactiek en ontwikkelingspsychologie als kaders voor de professionalisering van de leermeester.

Eind 1800 ontstonden de Openbare Scholen en met de invoering van de leerplicht 1905 en de grondwettelijke "vrijheid van onderwijs" ontstond een waaier aan bijzonder onderwijs, waarbij "De School met den Bijbel" en het "Roomsch Katholiek Onderwijs" de boventoon voerden.
Theosofie (Madam Blavatsky) kreeg een nieuwe loot, de Antroposofie (Rudolf Steiner) wat leidde tot de "Vrije Scholen".
Jenaplan (Peter Petersen uit Jena), Dalton (Helen Parkhurst), Maria Montessori waren eveneens onderwijsvernieuwers die het kind centraal in jaarklassen of 'stamgroepen' stellen en het onderwijs baseren op een leermethode met een diactisch-pedagogische verantwoording.

Maar het 'vom Kinde aus' waar Salzmann nog op doelde, raakte min of meer uit het pedagogisch vizier door de didactische methodiek en de agogische richting waarin het kind diende op te groeien met een sterke nadruk op de cognitieve leerdoelen.
Vrijheid van Onderwijs is een groot goed in termen van "globaal bewustzijn", maar kan in termen van "meningsvrijheid" even zo goed een zeer beklemmende of beangstigende omgeving creëren voor het kind.

verhalen om 'vom Kinde aus' te vatten

Opvoeding of Onderwijs 'vom Kinde aus' moet zich dus niet beperken tot vragen als:

Op zich belangrijke aspecten om goed in de gaten te houden, maar vooral ook:

 

Kindvriendelijk
wordt alles beter

*) Prof. Dr. J.H. Gunning Wzn: Inleiding op 'Het Mierenboekje' april 1926
    7e druk 1965, Wereldbibliotheek Amsterdam